Oorsprong:

Kune kune’s komen oorspronkelijk uit Nieuw-Zeeland. Kune kune spreek je uit als koenie koenie. Dit betekent vet en rond in Maori taal. Ze werden daar gehouden door de Maori, een stam uit Nieuw-Zeeland. Ze werden als scharrelvarkens gehouden, ze mochten vrij rondlopen in de nederzettingen, op zoek naar eten in en rond de huizen. Waarschijnlijk door dit lange, nauwe contact met de mens, is de reden dat ze vriendelijk, rustig en vreedzaam zijn.

Omschrijving:

Kune kune’s worden tussen de 60 en 75 cm hoog en hebben een gewicht tussen de 55 tot 95 kg. Hun vacht kan variëren van kort/strak tot lang/gekruld. Ze kunnen de volgende kleuren hebben: Créme, gember, bruin, zwart en gevlekt. Ze hebben een vrij korte snuit en grote oren. Een bijzonder kenmerk van de Kune kune’s is de lelletjes onder aan hun hals. De meeste kune kune’s hebben het. Bij geiten zie je dit verschijnsel ook wel eens. Die lelletjes worden in Maori taal Piri piri’s genoemd. Ze hebben geen functie.

Kune kune’s op onze kinderboerderij:

Onze varkens heten Harry en Hilda. Harry is een borg (gecastreerde beer) en Hilda een zeug. Ze zijn in november 2012 geboren. U mag bij de varkens in de wei komen, ze zijn erg vriendelijk.

Benamingen varkens:

Mannelijk: Beer                       

Vrouwelijk: Zeug

Jong: Big

Gecastreerd mannetje: Borg